Interview met directeur Kanyinda

 

Zijn taak en de noodzaak van discipline

 

De noden van de school

 

De falende staat

 

Tekenen van hoop en een boodschap van liefde

 

 

 

Zijn taak en de noodzaak van discipline

 

Mijn belangrijkste taak is de orde en discipline verzekeren. Ik moedig de kinderen aan om regelmatig én op tijd naar school te komen. Leerlingen die afwezig zijn geweest, spreek ik aan en ik vraag hen naar de reden van hun afwezigheid. Er bestaat ook zoiets als een ‘cahier de communication’ met de ouders.

 

Als directeur moet ik het voorbeeld geven: ook ik moet stipt zijn. Ik moet als eerste én als laatste op school zijn: ik moet er zijn voor iedereen én vertrekken na iedereen. Ik moet de leerkrachten en leerlingen ’s morgens onthalen en leerlingen die eventueel achterblijven (omdat ze thuis problemen hebben bvb.) opvangen.

 

Bijna al onze kinderen komen elke dag naar school, ze zijn zelden afwezig. Als ze lange tijd niet komen opdagen, ga ik de leerlingen thuis opzoeken of probeer ik hen telefonisch te bereiken. Wat tegenwoordig in Afrika (en dus ook in Congo en zelfs in Kabinda) steeds gemakkelijker wordt, want zodra iemand een beetje geld heeft koopt deze een GSM.

 

De kinderen studeren goed, maar de omstandigheden zijn precair. Discipline moet opgelegd worden aan kinderen. We eisen dit, elke dag weer. Maar dit kan enkel als ook de leerkrachten en ouders gedisciplineerd zijn. Het voorbeeld komt immers van bovenaf. Ouders en school moeten samenwerken.

 

Ouders moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Ze moeten alle mogelijke inspanningen leveren om hun kinderen van het nodige te voorzien. Ik probeer de ouders te sensibiliseren. Daarvoor hebben we één vergadering per maand. Ik probeer hen ook te overtuigen om hun verantwoordelijkheid te nemen. Er moet een samenwerking zijn tussen ouders en school. Ouders vervolledigen de opleiding en opvoeding die wij hier op school geven.

 

Maar er zijn ouders die echt geen middelen hebben. Het leven hier in Congo is moeilijk. We leven hier 'grâce à Dieu'. Er zijn ouders die echt geen schriften of stylo's kunnen betalen. Hun kinderen kunnen geen les volgens zoals het hoort. Daarom verdeel ik de schriften die niet gebruikt worden door de leerkrachten onder de allerarmste leerlingen: wezen of de kinderen van wie de ouders het echt niet kunnen betalen. Zij krijgen ook potloden, leien en griffels van de school.

 

Discipline is belangrijk. Het onderwijs in Kintu Kimune is kwaliteitsonderwijs, gegeven door gekwalificeerde leerkrachten. Heel wat kaderleden sturen hun kinderen naar de scholen van de Broeders van Liefde.

 

Een gedisciplineerde opvoeding is noodzakelijk voor kinderen. Zonder discipline kan een kind zelfs niet goed studeren. Je moet een kind tonen wat hij moet doen en wat hij niet mag doen. Als je dat niet doet, creëer je monsters. Zonder vorming op fysiek, intellectueel, esthetisch, religieus en moreel vlak loopt het fout met kinderen. De toekomst van het land is in handen van de kinderen die we hier vormen. We vormen ze op verschillende vlakken, zodat ze ‘complete mensen’ worden.

 

Ik moet als een echte ‘ouder’ zijn voor de kinderen van de school. Ik geef voordrachten aan de leerkrachten, om hen door te geven dat ze van de kinderen moeten houden. Zonder liefde kan men geen mooi werk doen. Ook op dit vlak moet ik het voorbeeld geven aan de leerkrachten, zij moeten die liefde dan op hun beurt doorgeven aan de leerlingen.

 

De noden van de school

 

Het 4de leerjaar zit in heel oude gebouwen, nog opgetrokken in Adobe-baksteen. Het dak is stuk en dreigt in te storten op het hoofd van de leerlingen. Het dak is ook niet geïsoleerd, in het droog seizoen is het overdag bijna niet uit te houden in deze lokalen. Het bord is helemaal vernietigd. Ook het plaveisel is beschadigd of onbestaand. De gebouwen zijn bijna niet meer te renoveren. Over twee à drie jaar vallen ze volledig in puin. Er moet dringend een nieuwbouw komen. Hiervoor hebben we veel geld nodig.

 

Ook het tekort aan banken is een groot probleem in Kintu Kimunel. De kinderen zitten hier soms op de grond. Om echt goed te leren schrijven zijn er banken nodig; moeten leerlingen aan een bank zitten. Het eerste probleem dat moet opgelost worden is het tekort aan banken.

 

Een ander probleem zijn de borden. Deze zijn helemaal beschadigd. Hoe moeten de leerkrachten daarop schrijven?

 

Vanaf het regime van Mobutu is het verkeerd gegaan. Men steelt alles. Zelfs ramen en deuren en banken. Mensen nemen die mee naar huis. Het is hier een ‘désordre total’. In de gebouwen die gerenoveerd moeten worden, moeten er zeker en vast ook deuren en vensters komen om de eigendommen van de school te beschermen.

 

De falende staat

 

We hangen af van de staat, maar deze blijft in gebreke. Als je hier in Congo een mooie, goed uitgeruste school vindt, is dat niet dankzij het geld van de Congolese staat maar wel door giften van buitenaf – meestal van congregaties uit Europa.

 

De staat geeft enkel 40 000 CDF (€34.48) voor alles (stoelen, banken, schriften voor leerkrachten, …). Maar dat volstaat helemaal niet. Dat is zelfs niet het duizendste van wat we nodig hebben. Ik heb niets, maar met de kleine, beperkte mogelijkheden die ik heb probeer ik te verbeteren wat kan. Van de staat krijg ik niets – enkel beloftes ...

Ik heb al rapporten geschreven naar de verantwoordelijken, maar er gebeurt niets. Totale negatie ... Het is betreurenswaardig. Als we op de staat moeten wachten, gebeurt er niets. De staat faalt. Congolese overheidsfunctionarissen zijn enkel bezig met het vullen van hun eigen zakken. In het lot van de ‘gewone burgers’, zijn ze niet in het minst geïnteresseerd.

 

Het salaris van de leerkrachten is minimaal. Maar wat kan ik eraan doen? Ik moedig hen aan om toch nog beter te werken, niettegenstaande hun pover inkomen. Ik zeg hen niet naar het geld te kijken, maar naar de toekomst van de kinderen. Dat moet hun eerste bekommernis zijn. Daarvoor moeten ze zich opofferen.

 

In sommige families studeren niet alle kinderen, omdat er geen geld is. Het is niet zo dat per definitie de meisjes meer moeten thuisblijven dan de jongens. Er is heel wat sensibilisering vanuit de staat om meisjes naar school te sturen. Met succes: we zien de laatste jaren hoe er steeds meer en meer meisjes naar school gaan. Dat is zowat het enige wat de staat wel goed doet inzake onderwijs.

 

Tekenen van hoop …

 

Er zijn tekenen van hoop en mensen van goede wil. We hebben 100 banken gekregen. Dat kan voor een buitenstaander niet zoveel bijzonders lijken, maar voor ons en ook voor de kinderen is het iets uitzonderlijks.

 

Maar we hebben meer nodig. Twee totaal nieuwe gebouwen, herstel van de overige gebouwen; handboeken, een kopieermachine, computers, … We hopen dat het met de tijd en met de hulp van de Broeders van Liefde, van Broeder-Generaal zal veranderen. We zien nu al kleine veranderingen.

 

Maar alle hulp moet uit goede handen komen. Corrupt geld aanvaard ik niet. Ik wil mezelf niet corrumperen … Geld uit Europa gaan we – alle leerkrachten en leerlingen samen - met open armen ontvangen.

 

Een boodschap van liefde

 

Ik wil vooral een boodschap van liefde meegeven aan de mensen in België en een appel lanceren aan de mensen van goede wil. Een appel om niet de armen te kruisen, maar om ons te helpen met een petit rien. Zodat we de lokalen kunnen renoveren en – zeker en vast ook – de veiligheid van alle kinderen kunnen garanderen.